Wat is legionella en waarom is dit een aandachtspunt op een camping
Legionella is een bacterie die van nature in water voorkomt en die bij inademing van kleine waterdruppeltjes (aerosolen), bijvoorbeeld onder de douche, een ernstige longontsteking kan veroorzaken: de veteranenziekte. De bacterie groeit vooral in stilstaand water tussen ongeveer 20 en 50 graden Celsius. Een camping met douches, een collectieve leidingwaterinstallatie en tappunten die soms weken niet gebruikt worden (denk aan een seizoensplek die leegstaat) is precies de situatie waarin legionella kan groeien.
Daarom vallen campings met een collectieve waterinstallatie onder de wettelijke regels voor legionellapreventie. Wat dat concreet betekent, lees je hieronder.
Val je onder de legionellaregels?
De regels staan in hoofdstuk 4 van het Drinkwaterbesluit. Artikel 35 somt op voor welke locaties ze gelden. Daar staat onder meer een terrein dat is ingericht voor recreatief nachtverblijf (artikel 35, eerste lid, onderdeel g). De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) noemt (mini)campings uitdrukkelijk als voorbeeld. Zulke locaties heten in de praktijk "prioritaire locaties" of "prioritaire installaties". Instanties gebruiken daar net verschillende woorden voor, maar het gaat om dezelfde groep.
Het gaat om tappunten waar water kan worden gesproeid of verneveld, zoals een douche (artikel 35, vierde lid). Let op: daar vallen ook tappunten onder waar gasten, soms tijdelijk, een douche of ander sproeiend toestel op aansluiten, of waarvan je redelijkerwijs kunt vermoeden dat dat gebeurt. Een waterkraan op de kampeerplek waar een caravan of camper op wordt aangesloten, kan dus ook meetellen. Heb je geen douches en twijfel je of jouw terrein onder de regels valt? Leg je situatie dan voor aan een BRL 6010-gecertificeerd adviesbureau of aan de ILT. Ga niet zelf uit van een uitzondering zonder dat te laten bevestigen.
Twijfel je sowieso nog over wat er allemaal bij het runnen van een (mini)camping komt kijken, kijk dan ook naar onze bredere gids minicamping beginnen: wat moet je regelen.
Risicoanalyse en beheersplan: verplicht door een gecertificeerd bedrijf
Val je onder de regels, dan moet je een legionella-risicoanalyse laten uitvoeren (artikel 37 Drinkwaterbesluit). Daarin brengt een deskundige in kaart waar in jouw leidingnet legionella kan groeien, bijvoorbeeld in dode leidingeinden, weinig gebruikte tappunten en plekken waar het water lang lauw blijft staan. Blijkt uit die analyse dat er een risico is, dan komt er een beheersplan met concrete maatregelen (artikel 38).
De risicoanalyse en het beheersplan moeten worden gemaakt door een bedrijf dat gecertificeerd is op basis van BRL 6010 (artikel 37, derde lid, en artikel 38, eerste lid). Je regelt dit dus niet zelf of via een willekeurige installateur, maar via zo'n gecertificeerd bedrijf. Vraag het bureau om het certificaat te laten zien.
Je beheersplan is geen eenmalig document. Verandert er iets aan je waterinstallatie of aan het gebruik ervan, zoals een nieuw sanitairgebouw of meer plekken, dan moet de risicoanalyse binnen drie maanden opnieuw (artikel 37, vierde lid). Het beheersplan wordt dan zo nodig binnen drie maanden daarna aangepast (artikel 38, tweede lid). Een vaste termijn in jaren noemt het besluit niet. Het beheersplan en het logboek moeten op je terrein ter inzage liggen voor de inspecteur (artikel 39 en 40).
Wat staat er in de praktijk in een beheersplan en logboek
Een beheersplan bevat doorgaans een schema met beheersmaatregelen en hoe vaak je ze uitvoert. Veelvoorkomende maatregelen zijn:
- Weinig gebruikte tappunten, zoals een douche op een seizoensplek die leegstaat, regelmatig doorspoelen. Volgens gangbare voorlichting geldt hierbij een vuistregel van minimaal wekelijks doorspoelen van leidingdelen die anders niet worden ververst.
- Warmwatertemperatuur op peil houden: als richtlijn geldt dat warm water bij het tappunt en in de retourleiding minimaal 60 graden Celsius moet zijn, zodat legionella zich niet kan vermeerderen.
- Koud water koud houden: koud water moet bij voorkeur onder 25 graden Celsius blijven, zodat het buiten de groeizone van de bacterie valt.
- Alle uitgevoerde maatregelen, controles en onderzoeken, met de uitkomsten, noteer je in een logboek. Dat is verplicht, en je bewaart die gegevens drie jaar (artikel 40, tweede lid). Zo kun je aantonen dat je het beheersplan ook echt uitvoert.
Let op: dit zijn richtlijnen zoals die in voorlichting over legionellapreventie gangbaar zijn. Welke exacte maatregelen, temperaturen en frequenties voor jouw installatie gelden, staat in je eigen beheersplan. Bij afwijkingen is dat beheersplan leidend, niet een algemene richtlijn uit een artikel als dit.
Een eenvoudige afvinklijst kan helpen om het doorspoelen en temperatuur meten structureel bij te houden. Campingreceptie, de gratis digitale receptie voor kleine campings van dezelfde maker als KampeerHub, heeft hiervoor onder meer afvinklijsten als hulpmiddel bij het logboek. Zo'n lijst vervangt je legionella-beheersplan niet en ook niet de eisen die daarin staan, het is puur een hulpmiddel om het bijhouden makkelijker te maken.
Monstername: hoe vaak en wat als de norm wordt overschreden
Naast de eigen maatregelen laat je het water onderzoeken op legionella bij de tappunten waar water kan worden verneveld. Dat gebeurt bij de risicoanalyse en daarna ten minste om de zes maanden (artikel 43, eerste lid). Is je waterinstallatie maximaal zeven maanden per jaar in gebruik, dan is dat ten minste eenmaal per jaar (artikel 43, tweede lid). Hoe de monsters genomen en geanalyseerd worden, is vastgelegd in de Drinkwaterregeling; in de praktijk doet een gespecialiseerd bedrijf of laboratorium dat. Het aantal meetpunten bepaal je samen met je adviseur, volgens je beheersplan.
De wettelijke norm is dat drinkwater en warm tapwater minder dan 100 kolonievormende eenheden legionella per liter (kve/l) bevatten (artikel 36, eerste lid). Is de uitslag hoger, dan moet je de oorzaak onderzoeken en maatregelen nemen. Bevat het water meer dan 1000 kve/l, dan moet je ook "terstond", dus meteen, de inspecteur van de ILT informeren (artikel 41, derde lid). De ILT kan je dan opdragen ook je gasten te informeren. Ga bij een overschrijding niet zelf improviseren, maar volg het protocol uit je beheersplan en neem contact op met je adviseur.
Meer over veilig drinkwater op je camping in het algemeen, los van legionella, lees je in drinkwater veilig houden op je camping.
Seizoensopstart: na de winterstilstand weer opstarten
Staat je waterinstallatie 's winters een tijd stil, dan is het moment van heropenen in het voorjaar een verhoogd risico: stilstaand water in een leiding die maanden niet gebruikt is, is precies de situatie waarin legionella kan groeien. Volg bij de seizoensopstart het protocol uit je beheersplan: dat beschrijft meestal hoe je het systeem doorspoelt, eventueel desinfecteert, en pas daarna weer vrijgeeft voor gebruik door gasten. Doe dit niet op eigen inzicht als je beheersplan een ander protocol voorschrijft.
Toezicht: de rol van de ILT
De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) houdt toezicht op de legionellaregels bij campings en andere prioritaire locaties. De ILT kan controleren of je een risicoanalyse en zo nodig een beheersplan hebt, of je de maatregelen uitvoert en een logboek bijhoudt, en of je een overschrijding boven 1000 kve/l meteen hebt gemeld. Houd je je niet aan de regels, dan kan de ILT handhavend optreden. Actuele informatie en het meldformulier vind je op de website van de ILT.
Ook je nachtregister is overigens een aparte wettelijke verplichting, los van legionellapreventie. Meer daarover lees je in nachtregister camping: wat is verplicht. Een overzicht van kleine campings vind je op onze pagina over minicampings.
Kort samengevat
- Heeft je camping douches of tappunten waar gasten een douche of sproeiend toestel op kunnen aansluiten, dan val je meestal onder de legionellaregels uit hoofdstuk 4 van het Drinkwaterbesluit.
- Je laat een risicoanalyse maken door een BRL 6010-gecertificeerd bedrijf, en bij risico ook een beheersplan. Je houdt een logboek bij en bewaart dat drie jaar.
- Gangbare maatregelen zijn: weinig gebruikte tappunten minimaal wekelijks doorspoelen, warm water minimaal 60 graden houden, koud water onder 25 graden houden, en zorgvuldig opstarten na de winterstilstand.
- Het water laat je onderzoeken bij de risicoanalyse en daarna ten minste om de zes maanden, of eenmaal per jaar als je installatie maximaal zeven maanden per jaar in gebruik is. De norm is minder dan 100 kve/l; boven 1000 kve/l meld je dat meteen bij de ILT.
- De ILT houdt toezicht. Bij twijfel over jouw specifieke situatie is je beheersplan-opsteller of de ILT de juiste plek om het na te vragen, niet een algemeen artikel als dit.


