Hoeveel ampère biedt een camping?
De meeste Europese campings leveren stroom via een gestandaardiseerde stroomkast. Het aangeboden vermogen verschilt per camping en soms per standplaats. Gangbare waarden in Nederland en de rest van Europa zijn 6, 10 of 16 ampère.
- 6 ampère (circa 1.380 watt): voldoende voor verlichting, een koelkast, opladers en een kleine ventilator. Zet je alles tegelijk aan, dan loop je al snel tegen de grens aan.
- 10 ampère (circa 2.300 watt): de meest voorkomende waarde op campings. Je kunt een waterkoker of koffiezetter gebruiken, maar niet gelijktijdig met een elektrische deken of verwarming.
- 16 ampère (circa 3.680 watt): vergelijkbaar met een gewoon stopcontact thuis. Je hebt meer vrijheid, maar check altijd van tevoren of de camping dit aanbiedt en of er meerkosten zijn.
De basisformule om watt om te rekenen naar ampère: vermogen in watt gedeeld door 230 volt = ampère. Een campingwaterkoker van 1.000 watt trekt circa 4,3 ampère. Op een 6-ampère-aansluiting is er dan nog ruimte voor andere apparaten; een model van 1.200 watt trekt ruim 5 ampère en ligt dicht tegen de grens aan.
De blauwe CEE-stekker: Europese standaard
Op campings in heel Europa gebruikt de stroomkast een blauwe CEE-stekker (ook wel campingstekker of industriestekker genoemd). Deze voldoet aan de internationale norm IEC 60309 en is specifiek ontworpen voor buitengebruik.
- De stekker is spatwaterdicht (minimaal IP44) en gezekerd — gewone huishoudstekkers zijn dat niet.
- Hij heeft drie pinnen: fase, nul en aarding. De aarding is essentieel voor veiligheid buiten.
- De kleur blauw staat voor 200–250V wisselstroom bij 50–60 Hz — de standaard in heel Europa.
Zonder de juiste CEE-stekker kom je er niet in. Een gewone verlengsnoer-stekker past niet op de stroomkast van de camping. Je hebt dus altijd een kabel nodig met aan één kant een blauwe CEE-stekker (mannelijk) en aan de andere kant de bijpassende bus of een stopcontact.
Welke kabellengte heb je nodig?
De afstand tussen de stroomkast en je caravan, camper of tent varieert per camping. Op grote campings kan de kast soms aan de andere kant van een naastgelegen plek staan.
- 20 tot 25 meter is voor de meeste standplaatsen in Nederland en omringende landen voldoende.
- Op sommige campings — zeker in Zuid-Europa of op grotere terreinen — kan de afstand oplopen tot 40 meter of meer. Vraag dit vooraf na of neem twee kabels mee die je kunt koppelen.
- Hoe langer de kabel, hoe groter het spanningsverlies. Bij lange kabels is een dikkere kern (2,5 mm²) aan te raden om dit te compenseren.
Let op: meerdere kabels achter elkaar koppelen vergroot het totale spanningsverlies. Als je weet dat je een lange afstand moet overbruggen, is één langere kabel van de juiste dikte beter dan twee dunne kabels aan elkaar.
Kabeldikte: 1,5 mm² of 2,5 mm²?
De kabeldikte (doorsnede van de kern) bepaalt hoeveel stroom de kabel veilig kan voeren en hoeveel spanning er over de lengte verloren gaat. Voor campingkabels zijn twee diktes gangbaar.
1,5 mm²
- Geschikt voor maximaal 10 tot 16 ampère bij korte tot middellange kabels (tot circa 25 meter).
- Lichtgewicht en makkelijk op te rollen.
- Voldoende voor de meeste campinggebruikers die geen hoog-vermogen apparaten gebruiken.
2,5 mm²
- Geschikt voor hogere stromen en langere kabels. Bij een kabellengte van 40 meter en gebruik van 10 ampère of meer is 2,5 mm² verstandig.
- Zwaarder en iets minder flexibel, maar geeft meer marge — zeker als je regelmatig op campings zit met een 16-ampère-aansluiting.
- Op de campingaansluiting zelf (het vaste snoer van caravan of camper naar de stroomkast) is 2,5 mm² de gangbare standaard.
Voor een vakantiecaravan of camper met gemiddeld gebruik (koelkast, verlichting, opladers, af en toe een waterkoker) op een 10-ampère-aansluiting volstaat een kabel van 1,5 mm² en 25 meter in de meeste situaties. Wie vaker gebruikmaakt van een 16-ampère-aansluiting of langere kabels nodig heeft, kiest veiliger voor 2,5 mm².
Kabeltype: altijd H07RN-F voor buiten
Niet elke kabel is geschikt voor buiten. Een normaal huishoudelijk verlengsnoer heeft een dunne PVC-mantel die niet bestand is tegen vocht, UV-straling, koude en mechanische belasting op de camping.
- Voor campinggebruik is het verplichte kabeltype H07RN-F (ook aangeduid als H07RNF, 07RN of RN). Dit is een flexibele rubberen kabel met een neopreenmantel.
- De neopreenmanteling is waterbestendig, bestand tegen UV-straling en blijft flexibel bij lage temperaturen.
- Koop alleen kabels die specifiek als campingkabel worden aangeboden met de aanduiding H07RN-F. Controleer dit op de verpakking of het label op de kabel zelf.
Kabelhaspel op de camping: altijd volledig afrollen
Als je een kabel op een haspel hebt, is er een risico dat veel kampeerders onderschatten: een opgerolde haspel kan oververhitten, zelfs bij licht gebruik.
De reden is simpel: stroom die door een kabel loopt wekt warmte op. Een uitgerolde kabel in het gras kan die warmte kwijt aan de omgeving. Een kabel die nog op de haspel zit, houdt de warmte gevangen — de lagen isoleren elkaar als een dikke jas.
- De meeste kabelhaspels vermelden twee vermogens: een lager voor opgerold gebruik (soms circa 1.000 watt) en een hoger voor volledig afgerolde toestand (soms circa 3.000 watt).
- Al bij een belasting van 1.500 watt terwijl de haspel opgerold is, kun je de veilige grens al overschrijden.
- Moderne haspels hebben een thermische beveiliging (een rode knop of thermoschakelaar) die uitschakelt als de kerntemperatuur te hoog oploopt. Maar vertrouwen op die beveiliging is geen alternatief voor het gewoon afrollen.
Praktisch: 25 meter kabel volledig uitrollen geeft een struikelprobleem. Leg het deel dat je niet nodig hebt in losse, ruime lussen onder de caravan of langs het tentpad — dan kan de kabel ademen en heb je geen gevaarlijke spoel meer.
Aardlekschakelaar: verplicht of niet?
Een aardlekschakelaar (ook wel RCD: Residual Current Device) detecteert kleine lekstromen en schakelt de stroom vrijwel onmiddellijk uit als er stroom via een onbedoeld pad vloeit — bijvoorbeeld via een persoon.
Wat zegt de Nederlandse norm?
Volgens NEN 1010 is een aardlekschakelaar vereist voor stopcontacten tot 20 ampère die bestemd zijn voor gebruik door leken, en voor aansluitingen voor verplaatsbare apparaten buiten tot 32 ampère. Campinginstallaties vallen in principe binnen dit bereik en moderne campings zijn doorgaans al voorzien van aardlekbeveiliging in de stroomkast.
Kan ik erop vertrouwen dat de camping dit geregeld heeft?
Niet altijd. Oudere campings, campings in Zuid-Europa of privécampings kunnen installaties hebben die niet aan de actuele normen voldoen. Je kunt dit van buitenaf niet controleren.
- Koop een draagbare aardlekschakelaar (persoonlijke RCD) die je tussen de campingstroomkast en je eigen kabel plaatst. Dit is een kleine adapter van circa 10 tot 30 euro.
- Een persoonlijke RCD is geen verplicht wettelijk vereiste voor de kampeerder zelf, maar wordt door veiligheidsorganisaties en de ANWB sterk aanbevolen als je op meerdere verschillende campings staat.
- Zeker bij kamperen met kinderen of in een voortent waarbij je apparaten dichter bij bewoners gebruikt, biedt een eigen RCD een extra vangnet.
Stroomverbruik per apparaat: wat trekt hoeveel?
Om te weten of jouw kabel en de campingaansluiting toereikend zijn, helpt het om het verbruik van je eigen apparaten te kennen.
- Koelkast (compressor, campingmodel): 50 tot 150 watt lopend, piekverbruik bij opstarten hoger.
- LED-verlichting: 5 tot 15 watt per lamp.
- Telefoon en tablet opladen: 5 tot 20 watt per apparaat.
- Laptop: 45 tot 90 watt.
- Waterkoker (camping): 800 tot 1.200 watt — een van de grootste verbruikers.
- Koffiezetter: 600 tot 1.000 watt.
- Elektrische deken: 60 tot 150 watt per persoon (afhankelijk van type en warmtestand).
- Elektrische verwarming (kleine fan-heater): 750 tot 1.500 watt — let op bij 6 of 10 ampère.
- Airco of warmtepomp: 1.500 watt en meer, vaak alleen bruikbaar op 16 ampère.
Tel je verbruik op. Als de som de ampèrewaarde van de aansluiting overschrijdt, slaat de zekering door. Je kunt dit berekenen door de totale watt te delen door 230.
Checklist: dit neem je mee
- Een campingkabel van het type H07RN-F met blauwe CEE-stekker, lengte 20 tot 25 meter (of meer als je weet dat de camping grote standplaatsen heeft).
- Kabeldikte van minimaal 1,5 mm² — kies 2,5 mm² bij kabels langer dan 25 meter of als je een 16-ampère-aansluiting gebruikt.
- Een draagbare aardlekschakelaar (persoonlijke RCD) als extra beveiliging.
- Een adapter voor landen waar de blauwe CEE-stekker niet standaard is: het Verenigd Koninkrijk (Britse stekker), Zwitserland (Zwitserse norm SEV 1011) en op sommige oudere campings in Frankrijk of Italië (geaard stopcontact).
- Check vooraf bij de camping: hoeveel ampère, waar staat de stroomkast, is er een aparte bijbetaling?
Veelgemaakte fouten op een rij
- Een gewoon huishoudverlengsnoer meenemen: niet waterdicht, niet berekend op buiten.
- De kabelhaspel opgerold laten: brandrisico, ook bij laag verbruik.
- Een te dunne kabel (1,5 mm²) bij een lange afstand en hoog verbruik: spanningsverlies en oververhitting.
- Ervan uitgaan dat de camping een goede aardlekschakelaar heeft: niet gegarandeerd, zeker niet in Zuid-Europa.
- Meerdere losse verlengsnoeren aan elkaar koppelen: verhoogt spanningsverlies en vergroot het risico op een slechte verbinding.


