Propaan of butaan: wat is het verschil?
Campinggas is bijna altijd propaan, butaan of een mengsel van beide. De keuze hangt af van de temperatuur waarbij je kampeert.
- Butaan: gebruikbaar tot ongeveer 0 graden Celsius (de vloeistof verdampt niet meer bij vriesweer). Campingaz-cartridges bevatten doorgaans een butaan-propaanmengsel.
- Propaan: bruikbaar tot circa -42 graden Celsius. Geschikt voor voorjaar, herfst en winterkamperen. De meeste grijze of groene flessen in Nederland bevatten propaan.
- Bij twijfel: kies propaan. Het werkt in alle seizoenen en is in Nederland breed verkrijgbaar via ruilsystemen (Benegas, Antargaz) of als navulbare DIN-fles.
Let op: butaan en propaan hebben dezelfde verbrandingseigenschappen, maar een andere druk. Gebruik altijd de drukregelaar die past bij het gastype en de aansluiting op de fles. Sluit nooit een butaanregelaar op een propaanfles aan en omgekeerd zonder fabrikantbevestiging.
De gasfles controleren voor gebruik
Voor je een fles aansluit, controleer je een aantal zaken visueel. Dit kost minder dan twee minuten en voorkomt de meeste problemen.
- Zoek op de fles naar de keuringsmarkering: een pi-symbool (het Griekse teken) gevolgd door het keuringsjaar. Gasflessen moeten in Nederland aan de Europese richtlijn voor transporteerbare drukapparatuur (TPED) voldoen en worden periodiek gekeurd, doorgaans elke 10 jaar. Is de keuringstermijn verlopen, laat de fles dan herkeuren of vervang hem. Een niet-geldige fles mag wettelijk niet opnieuw worden gevuld.
- Controleer de kraan en het ventiel op corrosie, deuken of beschadigingen. Een beschadigde kraan mag je niet met kracht of gereedschap openen; dat beschadigt de afdichting.
- Zet de fles altijd rechtop. Gasflessen zijn voor 80 procent gevuld met vloeibare gas; de bovenste 20 procent is dampruimte die verhindert dat vloeibaar gas de leiding in stroomt. Een fles die op zijn kant wordt gebruikt, kan vloeibaar gas doorlaten wat erg gevaarlijk is.
De drukregelaar: functie, keuring en vervanging
De drukregelaar (gasdrukregelaar) zit tussen de gasfles en de slang. Hij brengt de hoge druk in de fles terug naar de veilige werkdruk van de aangesloten apparatuur, doorgaans 30 mbar voor kampeerbranders en caravanaccessoires. Zonder regelaar zou de gasdruk veel te hoog zijn voor een brander.
In de regelaar zit een rubberen membraan dat na jaren gebruik uitdroogt en zijn werking verliest. Er is in Nederland geen wettelijke vervangingstermijn voor losse campingregelaars, maar de gebruikelijke advieslijn vanuit de campingvakhandel is: vervang de drukregelaar na uiterlijk 10 jaar. Sommige fabrikanten hanteren 5 jaar als aanbevolen levensduur. Kijk op de regelaar of behuizing naar een productiedatum of vervaldatum.
De gasslang: levensduur, norm en vervanging
De flexibele gasslang is het kwetsbaarste onderdeel van een campinggas-opstelling. Van buiten kan de slang er intact uitzien, terwijl het rubber van binnen al gebarsten of verhard is. Haarscheuren zijn niet altijd zichtbaar, maar ze lekken wel.
Wat je moet weten over gasslangen:
- Een goedgekeurde gasslang draagt de Europese norm EN 16436. Dit is de norm voor slangen die voor LPG (propaan en butaan) worden gebruikt. Koop geen slangen zonder deze markering.
- Op de slang staat een productiedatum ingedrukt, vaak als maand-jaar (bijvoorbeeld 06-2021). De meeste fabrikanten geven een levensduur van 5 tot 10 jaar op. Ontbreekt fabrikantsinformatie op de slang, dan hanteert BOVAG (sinds oktober 2024) 5 jaar als maximale gebruiksduur.
- Buig de slang in een bocht van 180 graden en kijk naar kleine witte barstjes of barsten in het oppervlak. Die zijn een direct teken van veroudering: vervang de slang direct.
- Kink nooit een gasslang en leg hem niet vlak bij een hittebron. Door hitte versnelt de veroudering van het rubber sterk.
- Koppel de slang altijd vast met de bijgeleverde slangklemmen of de originele schroefaansluiting. Een slang die puur op wrijving zit, kan loslaten.
Wanneer vervangen?
Vervang de gasslang als een van de volgende situaties van toepassing is: de vervaldatum is verstreken, er zijn geen houdbaarheidsinformatie of keurmerken aanwezig, je ziet oppervlaktescheuren, de slang is geknikt geweest, of de aansluitingen zijn beschadigd. Twijfel je? Vervang hem. Een nieuwe slang van 1 tot 1,5 meter kost minder dan 15 euro.
De campingbrander aansluiten: stap voor stap
Of je nu een losse schroefsluiting-cartridge gebruikt of een slang met regelaar op een grote fles, de basisregel is altijd: sluit eerst alles aan voor je gas openzet, en draai het gas dicht voor je iets loskoppelt.
- Controleer de aansluiting van de regelaar op de fles: zit hij recht, is de pakking intact en draait hij soepel vast? Gebruik nooit gereedschap om aan te draaien, alleen handkracht.
- Sluit de slang aan op de regelaar en op de brander. Controleer of de slangklemmen of schroefverbindingen goed zitten.
- Zet alle kranen van de brander dicht voor je de gasfles opent.
- Open de gasfles langzaam, een kwartslag tot een halve slag. Niet helemaal open draaien: als je de kraan moet sluiten bij een noodsituatie, gaat dat sneller als hij maar half open staat.
- Controleer koppelingen en slangverbindingen met zeepsop of een gaslekkagespray. Bellen die opbollen wijzen op een lek. Sluit bij een lek de gasfles direct en koppel niets los totdat de plek geidentificeerd en opgelost is.
- Steek de brander aan met een aansteker of piezo-ontsteking nadat je het gasknopje opendraait. Houd je gezicht nooit boven de brander bij het aansteken.
Veilig koken op de camping
Koken met een campingbrander is de meest alledaagse gashandeling tijdens het kamperen. Toch gaan er regelmatig dingen mis, vaak door kleine nalatigheid.
- Gebruik de brander nooit in een gesloten tent, voortent of kleine berging. Gas verbruikt zuurstof en produceert bij onvolledige verbranding koolmonoxide (CO), een reukloos, kleurloos gas dat al in lage concentraties dodelijk kan zijn.
- Kook altijd buiten of in een goed geventileerde kookplek met directe doorstroom van buitenlucht. Een open deurtje is niet genoeg als er geen tegenoverliggende ventilatie is.
- Zet de brander stabiel op een vlakke ondergrond. Een omgevallen pan met kokend water of vuur is gevaarlijker dan een gaslek.
- Laat een brandende brander nooit onbewaakt. Wind kan de vlam doven terwijl het gas doorstroomt. Sluit bij het weggaan altijd de gastoevoer.
- Stel de brander af op een blauwe, gelijkmatige vlam. Een gele of oranje vlam wijst op een slechte verbranding en verhoogde CO-productie. Reinig de branderkoppen als de vlam ongelijkmatig is.
Koolmonoxide: het onzichtbare gevaar
Koolmonoxide (CO) ontstaat bij onvolledige verbranding van gas. Het is niet te ruiken, niet te zien en snel dodelijk bij hoge concentraties. In Nederland overlijden jaarlijks gemiddeld circa 10 mensen aan CO-vergiftiging; bijna tweehonderd anderen worden opgenomen in het ziekenhuis en enkele honderden worden behandeld op de spoedeisende hulp (bron: RIVM / Onderzoeksraad voor Veiligheid). Een deel van die gevallen is te herleiden naar verwarming of koken in slecht geventileerde ruimtes.
Eerste symptomen van CO-vergiftiging zijn hoofdpijn, misselijkheid, duizeligheid en vermoeidheid. Die worden gemakkelijk verward met gewone vermoeidheid of een verkoudheid. Juist daardoor reageren mensen te laat.
- Gebruik nooit een campingbrander, gaskooktoestel of barbecue om een tent of slaapcabine te verwarmen.
- Laat nooit smeulenende houtskool of een afgedraaide brander met nagloeien achter in een gesloten ruimte. Naverbranding produceert nog uren CO.
- Controleer bij gebruik van een campingbrander als extra kookpunt in een voortent of er voldoende luchtcirculatie is via geopende panelen.
Gasflessen opslaan en vervoeren
Fout opgeslagen gasflessen vormen een brand- en explosierisico. Propaan en butaan zijn zwaarder dan lucht: bij een lek zakken ze naar de grond, verzamelen zich in laagtes en kunnen ontbranden bij elke vonk of open vlam.
- Bewaar gasflessen altijd rechtop, buiten gebouwen of in een goed geventileerde ruimte met ventilatie aan de onderzijde.
- Sla gasflessen nooit op in kelders, bagageruimtes zonder ventilatie of kleine kasten zonder luchtcirculatie.
- Vervoer gasflessen rechtop en vastgezet in de auto of op de aanhanger. Een gasfles die omvalt, kan de kraan beschadigen.
- Sluit de kraan altijd voor transport, ook als de fles leeg lijkt. Restgas is brandbaar.
- Sla nooit meer gasflessen op dan strikt noodzakelijk is. Op campings en in caravans zijn de maximale hoeveelheden soms beperkt door campingregels of brandveiligheidsvoorschriften. Vraag dit na bij de receptie.
In Nederland mag een LPG-gasfles niet worden bijgevuld bij een benzinestation, ook niet als het station een LPG-tankpunt heeft. LPG-autogas heeft een andere samenstelling dan campinggas (propaan/butaan voor verwarming en koken). Gebruik alleen erkende gasvulpunten of ruilpunten voor de juiste gasflessen.
Onderhoud: seizoenscheck in vijf stappen
Haal je je campingspullen uit de berging na de winter? Voer dan altijd een korte check uit voor je het gas aansluit.
- Controleer de keuringsdatum op de gasfles: is de herkeuring verlopen, gebruik de fles dan niet meer.
- Check de gasslang op barsten, knikken en de productiedatum. Ouder dan 5 jaar zonder houdbaarheidsdatum: vervangen.
- Controleer de drukregelaar visueel: corrosie, barsten of ontbrekende datum zijn reden tot vervanging.
- Smeer alle aansluitpunten in met zeepsop na het voorzichtig openen van de gasfles. Geen bellen: geen lek. Wel bellen: sluit direct af en vervang het betreffende onderdeel.
- Test CO-melder als je die hebt. Vervang batterijen indien nodig.
Checklist voor dagelijks gebruik
- Brander uitgedaan en gasfles dichtgedraaid na elke sessie.
- Slang niet geknikt, niet in aanraking met hittebron.
- Koken altijd buiten of in goed geventileerde ruimte.
- Gasfles rechtop, stabiel en uit de buurt van open vuur.
- Nooit koken of verwarmen in een gesloten tent of kleine voortent.


